[Contact]

Nieuwskop.nl Nieuwskoppen Nederland

πŸ”’
❌ Over FreshRSS
Er zijn nieuwe artikelen beschikbaar, klik om de pagina te vernieuwen.
OuderMetronieuws Colums

Vertrouwen in de toekomst?

Door Ebru Umar

Gert-Jan Segers kookte een eitje voor me, Alexander Pechtold schonk jus, Sybrand Buma nodigde me uit op zijn kamer en met Mark Rutte deden we een Romeo en Juliaatje in de Happy Tosti. Het is doorbuffelen in verkiezingstijd. En nu denken deze mannen het vier jaar met elkaar uit te zingen.
Toch mijn Libelle-interviews met de heren er nog ‘ns bijgepakt:
Pechtold wil het Torentje – dat is net zo groot als zijn keuken.
Buma wil Algemene Zaken – dat past bij de politiek leider.
Rutte wil premier blijven – en anders gaat hij de Tweede Kamer in.
Segers blijft in de Tweede Kamer, daar kan hij vrijuit spreken, zonder zich aan de compromissen van een kabinet te moeten houden (really?!). En passant maakt hij er nog een charmante beginnersfout bovenop door als enige een departement te noemen dat hij voor de CU zou willen binnenslepen: “Sociale Zaken en Werkgelegenheid is een boeiend ministerie.”

Torentje, Algemene Zaken, Premier: drie termen die hetzelfde betekenen. Wat kun je verwachten van een coalitie waar de christen de naïeve realist van het geheel blijkt te zijn en de drie beroepspolitici vechten om hetzelfde bot? Waarin vinden deze mannen elkaar – anders dan in het unaniem uitsluiten van twee miljoen Nederlanders ten gunste van het pluche? Is er trouwens één journalist geweest die de heren heeft gevraagd waarom Gert-Jan Segers aan de onderhandelingstafel zat in plaats van Marianne Thieme? Ook de Partij voor de Dieren heeft vijf zetels, die ene belangrijke die nodig is voor een democratische ‘meerderheid’. Thieme had trouwens graag een Ministerie van Duurzaamheid gezien, en waarom ook niet? Had er ook nog bij gekund.

Na 208 dagen onderhandelen zonder Thieme of Wilders maar mét Segers is er een regeerakkoord.
Gefeliciteerd.

Over 162 dagen zijn de gemeenteraadsverkiezingen.

Het motto van de nieuwe coalitie is ‘Vertrouwen in de Toekomst’. Als je een eitje tikt met Segers, Rutte, Pechtold en Buma, weet je éen ding zeker: de heren behoren tot de happy few van Nederland en zijn echt niet dom. Het is dan ook niet uit te leggen hoe zij denken ons burgers in 162 dagen te kunnen overtuigen van vertrouwen in de toekomst.

  • 10 Oktober 2017 om 07:16

Rivaliteit

Door Lars van der Werf

De burgemeester van Amsterdam stierf en in Rotterdam leefde ik mee. Ik ben geboren en getogen in Rotterdam, de stad van mijn vader, maar mijn moeders kant van de familie komt uit het Amsterdamse. Een kind van de Randstad, zullen we maar zeggen.

Opa van moeders kant was voor Ajax en ik heel erg voor Feyenoord. Geen enkel probleem. Opa zei wel eens dat hij pijn in z’n ogen kreeg van het Feyenoordlogo, maar dat was met een glimlach. Dat was nog voordat er Rotterdammers waren die de hoofdstad steevast ‘020’ noemen in plaats van gewoon Amsterdam. Mijn Rotterdamse opa en mijn Amsterdamse opa konden het vroeger uitstekend met elkaar vinden. Dat was vriendschappelijk. Ze kwamen bij elkaar op bezoek, aten graag harinkies en lachten om elkaars grappen.

Die steeds extremer wordende rivaliteit tussen de twee grootste steden van ons land snap ik niet zo goed. Misschien wel door m’n opa’s. Dat hele gedoe met dat Feyenoord- en Ajaxsupporters elkaar het licht in de ogen niet gunnen is simpelweg achterlijk. Het is maar een spelletje. En dat er alleen van 010 en 020 gesproken wordt is ook debiel. Overdreven allemaal. Laten we wel wezen, het is potjandorie met de snelle trein nog geen 45 minuten van elkaar vandaan. Op hele heldere dagen kunnen wij hier bij wijze van spreken de grachten zien glinsteren vanaf de Euromast en andersom zien ze dan onze glazen flatgebouwen blinken vanaf die Westertoren van ze.

In de afscheidsbrief van burgemeester Van der Laan sprak hij de hoop uit dat de hoofdstad zo lief zal blijven als dat ze is. Nu bij zijn sterven is het misschien een goed moment die rivaliteit tussen Amsterdam en Rotterdam een beetje te gaan afzwakken. Gewoon wat gezelliger. Gewoon bij elkaar in het stadion zitten zonder gezeik als Feyenoord tegen Ajax speelt. En gewoon af en toe eens bij elkaar op bezoek en dan een harinkie eten en lachen om elkaars grappen.

 

  • 9 Oktober 2017 om 07:03

Single in the City: schamele zomervangst

Door Iris Hermans

Metro’s Iris is single. Een kijkje in haar vrijgezelle leven, al gaat het er (helaas) niet altijd even wild aan toe. Overeenkomsten tussen bestaande manspersonen en verhaalpersonages, berusten niet op louter toeval.

Festivalfarces

Het was maar een schamele vangst, deze zomer. Zo was er de halve tongslag met de Servische barman op EXIT, gewoon omdat ik benieuwd was hoe een Balkanman smaakte #nuikertochben. En eentje op Awakenings met een jongen die een zegelring droeg, maar dat zag ik pas daarna.

Zegelringen vind ik altijd een beetje eng. Ik ben altijd bang dat de drager ervan hem transformeert tot een vuurstempel en die in een onbewaakt moment op je kostbare huid drukt, waardoor je voor eeuwig zijn familiewapen in je lichaam hebt staan.

En dat was het. Wel heb ik deze zomer een aantal gasten ontmoet, waarvan ik dacht: ja! Zo was er die ene op Buiten Westen.

We hadden een geanimeerd gesprek over de teloorgang van kliksigaretten, toen hij plotsklaps boven de baslijnen uit schreeuwde: ,,MAG IK M'N HAND OP JE KONT LEGGEN?” De lieverd. Maar nee. Of dóe het gewoon, maar ga het niet zo expliciet vragen. ,,We kunnen wel gewoon gezellig verder kletsen” stelde ik voor, want het was echt een knappe vent en wat ik nu niet wil, kan later misschien nog komen, dacht ik, net als ik en wreef me al verheugd in mijn klamme handjes.

Dus dat deden we. Totdat een vriendin van mij naar me toe kwam en iets in mijn oor fluisterde. Vol ongeloof keek ik haar aan. Wat? Een vriendin, hij?! Ineens had ik geen zin meer om gezellig verder te kletsen, de klik was ook hier teloorgegaan.

En dan was er de man die ik tijdens Gay Pride ontmoette, met wie er instant een beestachtige affectie was en aan wie ik die avond mijn nummer gaf. Hij appte me pas een paar weken erna, op een nacht om veertien over drie met de sympathieke aanhef: ,,Hey, nog wakker?” Gisternacht appte hij welgeteld drie woorden, om zeventien over twee dit keer. ,,Iets te doen?”

Heel gek misschien, maar beide keren sliep ik en beide keren stuurde hij er meteen achteraan: ,,App mij niet terug aub, ik app jou wel weer.” Doe maar niet, de whatsappfoto waar je breedlachend met je vriendin en twee zoontjes opstaat, werkt op mij nou niet echt bepaald libidoverhogend. Maar dat heb ik hem dus maar niet geappt, zo ben ik dan ook wel weer.

Wat is dat toch met die kerels met vriendin die je totaal op het verkeerde been (en je het idee geven jou op zijn derde te willen) zetten? Het zal vast iets met hun eigen marktwaarde willen peilen te maken hebben, maar vrolijk word ik er niet van. Het wordt nog erger.

Op Welcome to the Future kwam ik een bekende tegen. Niet zomaar een bekende: een jongen uit mijn top 10 ‘Amsterdamse gasten die ik nog weleens beter zou willen leren kennen slash doen’. Toen hij voorstelde om daarna nog ‘wat leuks’ te gaan doen, begon mijn hart stiekem een klein beetje harder te kloppen.

We togen naar de after waar we eindeloos dansten en praatten. Ik zweette peentjes en parels en telkens, naar wat ik opvatte als liefkozend, depte hij de zweetdruppels van mijn voorhoofd met zijn shirt en ik zag ons al de ochtend erna knus onder een dekentje liggen, elkaar pizzapunten en blauwe bessen voerend en/of royaal insmeren met truffelmayo... Ieder zo z’n fantasie.

Opeens ging-ie ervandoor. De dag erna besloot ik maar eens apphoogte te nemen en vroeg hem wat er nou was...

Ja hoor, het zal ook eens niet. Hij had dus een vriendin en hoopte dat hij me ‘geen verkeerde verwachtingen’ had gegeven. Au, die had ik echt even niet zien aankomen. Gelukkig heb ik er nog negen over.

 

  • 6 September 2017 om 19:24

Bouwval in Rotterdam gezocht

Door Ebru Umar

Er lopen zeker acht mensen rond op de 50m2 bouwval die het appartement groot is. Jongeren, Engelstaligen, Chinezen, een enkele verdwaalde vrouw, allemaal zoeken ze een huis. De ene helft kom ik een half uur later tegen op een ander adres waar ook een kijkuurtje is; de andere helft een uur later weer elders. Iedereen jaagt op een betaalbare woning in Rotterdam, waarbij betaalbaar relatief is: vraagprijzen zijn tegenwoordig ‘bieden vanaf prijzen’. Het huis dat je deze week voor 10 procent boven de vraagprijs koopt, kun je de week erop opnieuw aanbieden – grote kans dat het dan weer voor 10 procent boven de betaalde prijs verkocht wordt. Zie daar het opdrijven van de huizenprijzen door makelaars die er lol in hebben. „Wat een achterlijke prijs”, meld ik de verkoper. 180K voor een krot dat je volledig moet verbouwen (FIJN!), dat wél in de Rotterdamse binnenstad staat (LEUK!) maar waar je bouwvakkers niet met de auto kunnen komen (HOE DAN?!). De afvalcontainer kan niet dichterbij dan op 200m afstand staan. En afstorten aan de achterkant kan ook niet.

De verkoper grijnst. „Er worden momenteel achterlijke prijzen betaald”, beaamt hij. Ik kom hem op nog twee andere adressen tegen. Het ene appartement is klein, maar af. De ander afgrijselijk – toch lopen er zeker twintig man rond. „Leg uit waarom deze bouwval populairder is?” vraag ik. Makelaars vinden het raar als je vraagt wat er mis is met een woning, terwijl het een relevante vraag is. Ook de populariteitsvraag valt niet goed: „Deze is groter. En de Goudsesingel is hip.” Zonder enige emotie loop ik naar buiten.

Niet dat ik wil verhuizen. Ik woon naast de leukste buren van Rotterdam. En liefste. Maar met de huidige rentetarieven, is een extra woning met een beetje mazzel een aardige pensioenvoorziening. Het is een eenmalige investering met een continu rendement. En dus onderga ik de open huizen, leert mijn makelaar me waar ik op moet letten (rendement rendement rendement) om uiteindelijk toch wanhopig te eindigen: „Nee Ebru, hij is niet spannend. Daar gaat het ook niet om: het rendement is netjes.”

Af en toe kom ik een pareltje tegen waar ik verliefd op word. Mijn makelaar is echter onverbiddelijk: „Nee. Haal je er nooit uit.” Hij heeft gelijk, 350m2 is veel maar hey, size does matter; ik hou van de potentie en het karakter van bakstenen. Hoe groter, ouder en authentieker de bouwval, hoe dieper mijn liefde. 50m2 is gewoon niet mijn ding. 68 ook niet. Ik zie het niet, ik snap het niet – ondanks dat jong en hip Rotterdam ervoor in de rij staat. Dat rendement geloof ik wel. Zoals ik ook in Rotterdammers geloof want ergens in Rotterdam staat mijn pareltje. In Noord, Centrum, Kralingen – Delfshaven, Middelland, Crooswijk – overal waar zogenaamd oude meuk staat. Mail me Ebru.Umar@gmail.com. Ik sta open voor alle tips en aanbiedingen. Mocht ik verliefd worden op de bouwval, beloof ik ’m met liefde te verbouwen. Ik kán dat.

 

  • 11 Juli 2017 om 05:30

Geen haast meer

Door Lars van der Werf

Als dichter en ogenschijnlijk megaromanticus is mij vaak gevraagd wat ware liefde is. De mensen denken dat ik dat wel weet. Ik heb geen idee, maar ik heb vrienden die elkaar te pas en te onpas de ware liefde noemen. Ze voegen er zelfs soms aan toe dat het ‘op het eerste gezicht’ was. Of ze als ze eenmaal thuis zijn met de gordijnen dicht het IKEA-servies naar elkaars huilende hoofden gooien, weet ik niet, maar op terrasjes in de zon zien ze er toch wel uit als wat door kan gaan voor ‘ware liefde’.

Ik heb zelf eens lang gewacht op wat ik dacht dat ware liefde was. Een meisje, laten we haar heel mysterieus M. noemen, waar ik helemaal hoteldebotel van was. Tot over de oren verliefd. Ik heb me nooit meer en had me voor die tijd nog nooit zo gevoeld. Dat was van haar kant aanzienlijk minder het geval, maar ik was ervan overtuigd dat met het verstrijken van de tijd M. uiteindelijk toch ook wel over de brug zou komen en ook zou zien dat wij voor elkaar gemaakt waren.

Maar nee, M. bleef aan haar kant van de brug, uiteindelijk. En toch bleef ik wachten. Eigenlijk wacht ik nog steeds een beetje op haar, terwijl ze gewoon een keurige vriend heeft die zij háár ware liefde noemt. Ze is mij volgens mij al lang vergeten. En je kunt je afvragen of daarop wachten ongelofelijk dom is of gewoon een ongelofelijk romantisch geloof in ware liefde. Ik denk allebei. De ware liefde kan er soms uitzien als die vrienden van mij op dat zonnige terras, maar ook wel, zoals in mijn geval een tijdje, als een nare voedselvergiftiging.

Ik denk dat het allebei de moeite waard is. Tijd speelt namelijk geen rol in de liefde. Als ik ware liefde een beschrijving zou moeten geven is het denk ik misschien zelfs in één woord te vangen. Tijdloos. Want als je weet dat het de ware is, heb je alle tijd. Het is je gelukt uit al die acht miljard mensen op aarde de juiste te vinden. Dan heb je verder geen haast meer.

 

  • 10 Juli 2017 om 07:00

Ebru: Tjeenk Willink, roep die kleuters tot de orde

Door Ebru Umar

Geachte heer Tjeenk Willink,

Wij kennen elkaar niet maar aangezien de heren Rutte en Buma u deze week geschreven hebben uit hoofde van hun functie als lijsttrekkers van hun respectievelijke partijen, neem ik de vrijheid u ook te schrijven. Beide heren hebben u uitgelegd waarom zij niet met de PVV willen samenwerken. Ik ga ervan uit dat u hun schrijven serieus neemt. Hoewel, laat mij dat herfomuleren: ik vrees dat u hun schrijven serieus neemt.

 

Meneer Tjeenk Willink, ik heb mateloos respect voor ouderen die op hun vakgebied iets gepresteerd hebben in hun leven. Hun ervaring en hun kennis, spreekt mij zeer aan; ik luister graag naar ze. Naar uw soort mensen dus. Maar ik heb nóg meer respect voor ouderen die besluiten dat hun actieve arbeidsparticipatie over is en dat zij hun kennis en ervaring willen inzetten om jongeren – op uw leeftijd gelden veertigers en zelfs vijftigers als jongeren – te adviseren en steunen. Ik twijfel niet aan uw capaciteiten, of dat nou inhoudelijk of verstandelijk is (het is een genot om te vertoeven met mensen die op uw leeftijd nog niet geestelijk aftakelen). Maar ik verafschuw het feit dat u zich als informateur op het schild heeft laten hijsen. Ik verafschuw het feit dat u mevrouw Schippers niet streng heeft toegesproken dat zij deze klus moest afmaken en ik veracht (eerlijk is eerlijk) uw veronderstelling dat u wél zou lukken wat haar niet gelukt is. Het machismo en de hoogmoed dat vier mannen, te weten Mark Rutte, Sybrand Buma, Alexander Pechtold en Jesse Klaver wél naar u zouden luisteren en niet naar Edith Schippers, dat u deze vier mannen tot een kabinet zou kunnen terugonderhandelen, is stuitend.

Daarnaast verbaas ik mij over het feit dat u als PvdA’er, een partij die geen bestaansrecht meer heeft sinds de verkiezingen, de – laat ik het maar gewoon zeggen –onbeschoftheid heeft om als informateur op te treden. Om deze klus überhaupt aan te nemen in plaats van voor te bedanken. Daar was geen vrouw mee weggekomen, laat staan een jonge vrouw. U kunt de Nederlandse kiezer een totaal gebrek aan vertrouwen aan politiek en zelfs de gekozen politici, niet kwalijk nemen. Dit is precies het gedrag waar velen klaar mee zijn. Wat velen afgestraft hebben op 16 maart. Maar waar u en de uwen, totaal maling aan hebben – ik hou het netjes meneer Tjeenk Willink.

Maar u zit er nu eenmaal wél en in tegenstelling tot Edith Schippers zult u ook blijven zitten totdat er een kabinet komt. Dat doen mannen namelijk en daar kunnen wij vrouwen een voorbeeld aan nemen. En aangezien de heren Rutte en Buma zich tot u gewend hebben met de mededeling waarom zij niet met de PVV willen regeren, laat staan aan tafel zitten, wil ik u als vrouw, als jonge vrouw, als partijloze jonge vrouw, als partijloze jonge vrouw met Turkse roots maar vooral als Nederlands staatsburger én best gelezen columnist van Nederland, influisteren waarom en vooral hoe u de heren tot de orde moet roepen.

Ik denk namelijk dat u dat nodig heeft – hybris is niet voorbehouden aan mannelijke PvdA’ers van zekere leeftijd.

De heren Rutte en Buma halen in hun schrijven aan u diverse redenen aan om niet samen te willen werken met de PVV, de partij van Geert Wilders. Ik kan u verzekeren dat miljoenen Nederlanders, ook degenen die niet op de PVV gestemd hebben, geen respect voor de redenen die Rutte en Buma aandragen kunnen opbrengen. Rutte is de lijsttrekker van een verliezende partij. Ja, de VVD is de grootste, maar de facto is de VVD negen zetels kwijt. We jubelen de verliezer het zadel in, omdat hij desondanks grootste is, we vergeten gemakshalve dat de kiezer ontevreden is over de VVD.

Hieronder puntsgewijs de redenen die Mark Rutte en Sybrand Buma aanhalen om Geert Wilders te weigeren aan de onderhandelingstafel:

Beschimpen en beledigen

De stelselmatige uitsluiting van de PVV door alle partijen is kinderachtig – er is geen ander woord om dit gedrag van volwassen kerels te duiden. Rutte stelt dat Wilders stelselmatig bevolkingsgroepen heeft beschimpt en beledigd. Ik kan u vertellen: die bevolkingsgroepen werden al voor Wilders ermee begon beschimpt en beledigd, daar kunnen zij boeken over vol schrijven. En ik kan u vertellen: die bevolkingsgroepen houden ervan om in hun gezicht beschimpt en beledigd te worden, in plaats van achter hun rug. Want dát is wat die bevolkingsgroepen al jaren overkomt door lieden die op VVD, CDA, PvdA etc stemmen. U denkt dat de PVV bij monde van Geert Wilders het beledigen en beschimpen heeft uitgevonden? U gelooft dat binnen het CDA van Buma of de VVD van Rutte het beschimpen en beledigen van die bevolkingsgroepen niet voorkomt? Laat ik ervanuit gaan van niet, daar bent u te oud voor om dat nooit meegemaakt te hebben. Kortom: dit argument van Rutte is kolder en ik heb er vertrouwen in dat u hem dat zult vertellen.

Democratische instituties

Vervolgens stelt Rutte dat Wilders de instituties die de basis vormen van ons democratisch bestel, ondermijnt. Termen als ‘nepparlement’, ‘neprechters’, zouden dat bevestigen. De VVD kan niet werken met een partij die instituties ondermijnt, stelt Rutte. En daarmee bevestigt hij het gelijk van Wilders: in wat voor democratie leven we, als de tweede partij van Nederland, die zetels gewonnen heeft in plaats van verloren, wordt uitgesloten? Als partijen op deze manier bevestigen dat Nederland een ‘nepdemocratie’ is? Het is uw taak om Rutte erop te wijzen dat we een nepdemocratie zouden zijn, als Rutte en Buma volhouden een collega-parlementariër te weigeren en horen aan de onderhandelingstafel. Ze doen alsof ze nu al weten wat de onderhandelingsbereidheid van Wilders is. Hoe stuitend is dat?

Verantwoordelijkheid

Komen we tot het gebrek aan verantwoordelijkheid. Zowel Buma als Rutte stellen Wilders verantwoordelijk voor de val van Rutte 1. Meneer Tjeenk Willink: denkt u werkelijk dat wij kiezers dom zijn? Denken beide heren dat? Bespaart u mij het antwoord maar laat ik de juf uithangen: waar drie kijven, hebben er drie schuld. En worden kongsi’s gevormd. Dat weet élke Nederlander. Daarnaast wil ik uit hoofd van mijn vak hier nog enkele woorden aan wijden: de media brengen wat zij willen brengen. De media brengen het verhaal van Rutte en Buma en de media hebben afgesproken dat dit het eerlijke verhaal is. Erg liberaal, democratisch en vooral onpartijdig. Ik verwacht van u dat u de heren Buma en Rutte tot de orde roept: zand erover. En verder spelen. Zo doen kleuters dat ook.

Religie

Komen we bij het voor het CDA belangrijkste struikelpunt: het geloof.

Meneer Tjeenk Willink: ik en met mij miljoenen Nederlanders, respecteren ieders geloof. Iedereen in Nederland is gelijk zegt artikel 1 grondwet; helaas is er geen enkel geloof dat de gelijkheid van mensen waarborgt. Vrouwen delven het onderspit, homoseksualiteit is een ziekte, en sommigen zijn nou eenmaal gelijker dan anderen. En dan is er ook nog een geloof dat volgens vele volgelingen geweld goedkeurt. De terroristische aanslagen die de afgelopen jaren hebben plaatsgevonden bevestigen dit. U kunt de heer Wilders niet kwalijk nemen dat hij de islam een ideologie noemt in plaats van een geloof – iedereen goochelt met woorden om zijn zin te krijgen. U kunt de heer Buma en ook Rutte maar ook uzelf wél kwalijk nemen dat we in Nederland, in een samenleving die zogenaamd kerk en staat scheidt, het geloof alle ruimte geven in het publieke leven en dit zelfs financieren. Het is uw taak om de heren erop te wijzen dat het Nederlandse staatsbestel gemoderniseerd dient te worden: geloof wat je wilt, maar de Nederlandse overheid betaalt nergens meer aan mee. Niet aan speciaal onderwijs, niet aan kerk-, moskee-, synagogegemeenschappen. Vrijer kun je godsdienst niet maken. Geloof wat je wilt, financier het zelf – de overheid heeft hier geen taak in. De overheid heeft als taak om ervoor te zorgen dat kinderen leren zwemmen ongeacht hun geloof, ongeacht of ze jongetje of meisje zijn. De overheid heeft niet als taak om ‘respect’ te hebben voor stellingen binnen een geloof die afwijken van dit soort vanzelfsprekendheden. En dan is dit nog een onschuldig voorbeeld – totdat er een kindje in de gracht valt en verdrinkt natuurlijk.

Meneer Tjeenk Willink, ik kom tot het einde.

Ik geef u het voordeel van de twijfel maar ik vertel u toch wat u dient te doen in een democratie: de grootste partijen die tezamen een meerderheid vormen aan tafel uitnodigen en vertellen dat ze gaan regeren. Punt. Geen gemits, geen gemaar. PUNT. Dat 8 miljoen mensen NIET op de PVV gestemd hebben, is een drogreden. Ik hoor niemand zeggen dat nog veel meer mensen NIET op Groen Links, de Christenunie, SGP of PvdA gestemd hebben. Jullie, en u voorop, beledigen ons kiezers. Nou ja beledigen? Jullie tonen maling aan ons te hebben. De meerderheid van Nederland heeft gekozen voor VVD, PVV, CDA, D66. Samen zijn dat 91 zetels. Het is UW TAAK om de heren te wijzen dat ze moeten samenwerken. En het is ONZE TAAK om de heren over vier jaar te belonen als ze dat goed doen, of af te straffen als ze falen.

Meneer Tjeenk Willink: de heren Rutte en Buma vertellen in hun brieven aan u waarom ze iets niet willen. Ik vertel u waarom zij iets juist moeten. Ze zijn geen kleuters meer, het wordt tijd dat ze zich bewust worden van hun taak: het dienen van de kiezer. Het dienen van Nederland. De heren in Den Haag gedragen zich als kleuters en verdienen tonnen. Het is uw taak om ze te vertellen dat ze volwassen zijn. En dat ze die tonnen moeten verdienen.

Ik vertrouw op u.

Aan de slag!

 

Met vriendelijke groet,

Ebru Umar

  • 17 Juni 2017 om 10:46

Zonder bonnen geen aangifte

Door Ebru Umar

Europarlementariër CDA-graaigleuf Annie Schreijer-Pierik heeft natuurlijk helemaal gelijk: bonnen bewaren is ‘gedoe’. Ik wil dat ook! Sterker nog: wie niet? En aangezien het bonnenverzameltijd is, toch even mijn fiscalist gebeld. De enige man in mijn leven naar wie ik luister.

Hij bleef erin maar herpakte zich snel: „Als jij je bonnen weggooit, wens ik je niet alleen allerlei ziektes toe Umar, je zult dan ook op zoek moeten naar een andere fiscalist. Zonder bonnen geen aangifte.”

„Ja maar, Annie krijgt het voor elkaar 154.000 euro aan onkosten te maken”, sputterde ik tegen. „Daar doet ze dan wel drie jaar over maar toch. Dat zijn heel wat bonnen, logisch toch dat ze die wegflikkert?” De ‘accountant’ die dat goedkeurt, moet geroyeerd worden, fulmineerde mijn Rotterdammer. „Belachelijk dat zo’n gast met een beschermde titel mag goedkeuren wat die CDAnnie doet. Geen fiscalist of belastingadviseur die dat zou doen, maar ja, ónze titels zijn niet beschermd. En daar is het inmiddels wel tijd voor.”

Mijn fiscalist kijkt neer op accountants maar als de accountant van Annie haar 154K in haar zak laat stoppen, is er een gerede kans dat die accountant my new best friend forever wordt. Niet dat ik 154K aan onkosten kan maken. „Jawel, dat kun jij best,’ galmt door de telefoon. „Elke maand een nieuwe iMac, en met mij uit eten voor 300 euro per avond, dan gaat het wel op. Maar je zult nog steeds een ander moeten vinden om dat goed te keuren.”

Soms haat ik mijn fiscalist.

Hij doet nooit wat ik wil, maar ik moet alles doen wat hij wil.

„Bovendien vind ik elke maand een nieuwe iMac overdreven dus dat keur ik niet goed.”

„Waarom kijk jij ook al weer neer op accountants?”

„Accountants zijn cijferneukers. Fiscalisten letterneukers. Van ons moet jij je bonnetjes zeven jaar bewaren, dat is de fiscale bewaarplicht. Voor normale mensen. Europarlementariërs vallen daar blijkbaar niet onder en dat is onzin. Juist over belastinggeld moet je verantwoording afleggen lijkt me.”

„Ik denk toch dat ik een accountant moet…”

„Ja, want dat bonnetje van de Shell is dan inderdaad 67 euro. De drop en chocola die je ook haalt bij het tanken, keurt een accountant gewoon goed. Ik niet. Bovendien wil ik weten of dat etentje van 300 euro zakelijk was of met je nieuwe vlam. Dat laatste vind ik leuk voor je. Heus hoor, maar schrijf ik niet weg als onkosten.”

„En als ik je nou vertel dat ik al m’n bonnen heb weggegooid? Omdat ik geen zin had in gedoe?”

„Moet ik in herhaling vallen Ebru?”

„Ik wilde voorstellen dat we Annie moeten stenigen.”

„Dat doen we niet in Nederland. Maar je mag haar best alle ziektes toewensen die er maar zijn.”

„Gabriel, ik heb een nieuwe iPhone nodig.”

„Je wil een nieuwe iPhone Ebru. Maar daar kan ik mee leven. Ik zie het bonnetje wel tegemoet.”

  • 13 Juni 2017 om 08:00

Seksisten van Nederland: kom vooral naar Amsterdam

Door Elfie Tromp

De afgelopen weken was ik niet zozeer een columnist, maar vooral een vrouwelijke columnist. Ik schreef over onderwerpen die mij, als vrouw, aan het hart gaan. Ik noem: opiniemaker Holman die een jonge journalist beoordeelt op haar neukbaarheid, Baudet die moeiteloos twee zetels krijgt, en waarvan we het allemaal oké lijken te vinden dat hij in een interview en passant vrouwen wegzet als minder ambitieus en huiselijker dan mannen, en een ondertekend manifest om het seksisme van GeenStijl te beteugelen. Oh, en mag ik, nu ik toch aan het woord ben, even een applaus voor het verbod op straatintimidatie in Amsterdam? Misschien een wet die moeilijk implementeerbaar is, omdat de dader op heterdaad betrapt moet worden, maar wel een die belangrijk is om een algemene cultuur van seksisme te veranderen. Ik vraag me al jaren af waarom het pissen in openbare ruimtes wel strafbaar was, maar het verbaal afzeiken van iemand niet. 

Niks brengt de echte, kwade seksisten naar buiten als een uitgesproken feministische boodschap. Naast de standaard verkrachtingsdreigementen en huis- tuin-en-keukenbeledigingen van mijn intelligentie en fysiek, was een van de terugkerende replieken die ik kreeg: maar Saudi-Arabië dan? Dat is pas belangrijk!

Nu is volgens mij het doel van een columnist om te prikkelen, om onderwerpen te bespreken waar de meningen over verdeeld zijn en de publieke dialoog verder te brengen. Nu denk ik niet dat ik veel vaste Saudi-Arabische lezers heb die ik kan beïnvloeden. Ook is mijn mening hierover niet bijster uniek: ik vind de niet-bestaande vrouwenrechten in Saudi-Arabië om te janken en de benoeming van Saudi-Arabië in de VN-vrouwenrechtenraad om te kotsen. Het enige dat ik kan hopen is dat wat daar besproken wordt, de feministen in Saudi-Arabië een hart onder de riem steekt, dat er een kans bestaat dat er daar intern nog eens wat verandert, inshallah. 

Terug naar ons en onze navel, want daar zit nog genoeg pluis in om te ontwarren. Het wordt hoog tijd om toe te geven dat de geschiedenis ook hier nog niet af is. Ben ik bij deze reuze benieuwd of de Baudet-stemmers het eens zijn met zijn vrouwen bij het fornuis-opvatting. Of Holman-lezers ook steevast vrouwen beoordelen via hun libido en of GeenStijlers hun ouders, collega’s en kinderen of dezelfde manieren seksueel intimideren als ze dat bij vrouwelijke opiniemakers doen. Laten we elkaar binnenkort ontmoeten in de straten van Amsterdam. Ik hoor graag wat je dwars zit, even wachten, dan zet ik mijn opname-apparaatje aan.

  • 8 Juni 2017 om 09:00

Roze is voor meisjes

Door Irene van den Berg

Opvoeden was zo gemakkelijk toen ik nog geen kind had. Ik stopte mijn imaginaire koter nooit snoep toe om hem stil te sussen en ik zette hem niet voor de televisie voor wat rust aan mijn hoofd. Ook kocht ik alleen maar verstandig speelgoed: leerzaam en van hout. En sekseneutraal uiteraard. Geen plastic brandweerauto of Cars-rugzak voor mijn fantasiezoontje en roze knuffels en prinsessenjurkjes voor mijn ongeboren dochtertje. Want hoezo is alles voor meisjes roze en alles voor jongens blauw?

Het liep anders. Mijn niet-imaginaire dochtertje is net drie jaar geworden. Van ons kreeg ze een roze knuffelkonijn en roze dekbedovertrek. Van haar opa kreeg ze, na een tip van mij, een roze fietsje. Andere cadeaus waren: een prinssessenjurk van Frozen, een diadeem, een kleurboek van My Little Pony, een roze plastic bloem voor in haar haar. En wat is ze er ontzettend blij mee. ‘Roze heeft gewoon een enorme aantrekkingskracht op haar. Het lijkt in haar natuur te zitten; wij stimuleren het niet’, vertel ik het verjaardagsbezoek. Impliciete boodschap: wij zijn niet gezwicht voor de commercie, ik ben gewoon een attente moeder. En jullie attent bezoek.

Dan gooit mijn zwager de knuppel in het hoenderhok. Volgens hem was het ooit precies andersom: vroeger was roze voor jongens en blauw voor meisjes. Oeps. Slik. Weg boodschap. Ik zoek het dezelfde avond nog op. En inderdaad: voor de twintigste eeuw stond en rood en roze voor mannelijkheid en blauw voor vrouwelijkheid. Dat kwam omdat Jezus vaak werd afgebeeld in het rood of roze en Maria vaak in het blauw gekleed ging.

Maar babietjes werden in die tijd gewoon in het wit gekleed. Er waren nog geen technieken om kleertjes veilig te verven, en plastic Barbies en robots waren er al helemaal niet. Sinds zo’n honderd jaar is die verf er wel. Maar gooiden producenten van kinderspul de kleuren om. Een theorie is dat blauw de kleur is van bescherming. En die bescherming hadden jongens, als stamhouder van de familie, harder nodig. Roze is dus eigenlijk de kleur van de afdankertjes. Dat sterke onderscheid tussen jongens en meisjes is superslim van bedrijven. Want heeft je tweede koter een ander geslacht, dan kun je al het kinderspul weer opnieuw aanschaffen.

Er is in ieder geval geen wetenschappelijk bewijs dat meisjes een voorkeur hebben voor roze, en jongetjes voor blauw. Een Engelse onderzoekster hield baby’s van 4-5 maanden plaatjes voor met verschillende kleuren en bepaalde naar welk plaatje de baby het langste keek. Er was geen verschil tussen jongens en meisjes.

Misschien is het veel simpeler. Ik tik deze column in een roze T-shirt. En ik moet bekennen dat er meer roze in mij garderobe zit. Terwijl bij haar vader blauw de boventoon voert. Zo geven we onze peuter impliciet de boodschap meer bij meisjes past. En daar varen Prénatal en Intertoys wel bij.

Financieel journalist Irene van den Berg (38) woont en werkt in Rotterdam. Ze is getrouwd en heeft een dochtertje. Wekelijks schrijft ze een column over haar eigen financiën.

  • 7 Juni 2017 om 08:00

Kunnen we ophouden met 'Don’t look back in anger?!'

Door Ebru Umar

Steunbetuigingen door lichtprojecties op gebouwen, BN’ers die hun momentjes pakken, het NOS-journaal dat het voor elkaar krijgt verslag van aanslagen te doen zonder het woord ‘islam’ te noemen, het ge-jesuiswhatever, steunbetuiging op Twitter van onze politici, Jesse Klaver die niet eens meer de moeite neemt om de woordjes in een andere volgorde te zetten maar hey, uiteraard: dit nooit weer.

Je kunt de klok gelijkzetten op de volgende keer, dus hou op met dat ge-ditnooitweer. Kan iemand het lef, de daadkracht en het leiderschap tonen om dit te voorkomen, te benoemen en ook uit te voeren? Kan iemand, bij voorkeur iemand in een leidinggevende positie die kantoor houdt in het Torentje, uitspreken dat de islam een verdorven ideologie is? Een ideologie die tot een jaar of zestien terug voornamelijk moord en doodslag aanrichtte onder moslims in verafgelegen gebieden, maar nu z’n werkgebied heeft uitgebreid naar het Westen? Kunnen we ophouden met dromen dat ‘love will conquer all’ en vooral ‘don’t look back in anger’?

Hoezo ‘don’t look back in anger’?

Hoezo mogen we niet boos zijn?

Hoe kan het dat niemand boos is? Wordt?

Hoe kan het dat dat niet wordt toegejuicht? Wordt veroordeeld?

Hoezo geven we ons zo snel gewonnen?

Of heeft het ons nog niet genoeg geraakt?

Voor dat laatste is hoop: dat er nog meer doden uit naam van de islam zullen vallen, is evident. Met dank aan veiligheidsdiensten. En politiek. Sure, enough is enough maar het was in 2001 al enough. In 2004 ook trouwens. En was het afgelopen week bij Ariana Grande nog niet enough dan?

In onze westerse samenleving mag je niet haten, en dat terwijl iedereen weet hoe dun de lijn tussen haat en liefde is. Hoezo mag de een wél, moet de liefde zelfs, en mag haten niet? Ik haat ze, die moordenaars. Die extremistische moslims. Dat gewelddadige geloof. Die gewelddadige mensen. Ik haat ze. Het zijn niet mijn vrienden, ik heb ze niet lief, ze komen er bij mij niet in en ik mijd ze waar mogelijk. Ik háát ze. Maar mijn woede richt zich op onze politici. Zij zijn degenen die islamitisch terrorisme faciliteren, die tolerant zijn jegens een gewelddadige ideologie. Waarom zou je islamitische scholen faciliteren als er prima Nederlandse scholen zijn? Waarom zou je moskeeën toestaan, als daar haat gepredikt wordt jegens het westen? Waarom zou je ‘vluchtelingen’ toelaten, als het moslims zijn? Waarom zou je haatpredikers visa en verblijfsvergunningen geven, als het - o boy - haatpredikers zijn?

Ik haat degenen die mijn vrije manier van leven met geweld, moord en doodslag wensen omver te werpen, ik heb een afkeer van moslims die dit geweld toejuichen en ontkennen en ik wanhoop als ik zie hoe mensen op cruciale posities in onze samenleving, partij kiezen voor een ideologie die haat predikt en geweld uitoefent. Volgende week is het weer bingo. Maar heus, dit nooit weer.

  • 6 Juni 2017 om 08:00

​Ja-knikkers: gewoon logisch nadenken

Door Hadjar Benmiloud

We hebben problemen met het milieu. De zeespiegel stijgt, seizoenen verschuiven, hele continenten liggen droog en de laatste paar panikerende ijsberen peddelen rond op smeltende ijsschotsen. Maar ondanks alle tastbare bewijzen is niet iedereen het over deze naderende milieuramp eens - we hebben vooralsnog recht op een vrije meningsuiting. Vooral politici. Dus voordat we het eens raken over klimaatbesparende-maatregelen, zal een apocalyps de wereldbevolking moeten reduceren tot één persoon. Komt goed hoor, wordt aan gewerkt.
Waar we het wel over eens zijn, is dat de olie opraakt en onze economie onder druk zet. Daarom worden in grote delen van Saudi-Arabië (die trouwe oude vriend van onze overheid, ondanks hun dagelijkse onthoofdingen) nu de ja-knikkers die de olie uit de grond boren nu aangedreven door zonne-energie. Ik herhaal: we boren tegenwoordig olie met zonne-energie. Dat is namelijk goedkoper, schoner en efficiënter. Gewoon logisch nadenken.

We voelen ons onveilig. Onze levensverwachting is hoger dan ooit, een dodelijk zombie-virus blijft vooralsnog uit, zwangerschap is tegenwoordig iets wat je kunt overleven en zelfs het aantal terroristische aanslagen is nu op een historisch laag punt bleek afgelopen week. Want een paar zelfgeknutselde bomgordels en stoere verhalen over kerncentrales hacken in de media opgevolgd door goed-gedekte politieke angst-campagnes doen immers meer tegen de innerlijke rust dan twee wereldoorlogen, kilo's asbest, kilometers slecht verlichte snelwegen, en duizend verwarde gekken met machinegeweren kunnen vermoorden. Daarom accepteren we nu klakkeloos massa-surveillance, heropvoedingskampen, arrestatie op grond van "verdenking" en een steeds verder verdeelde paranoia klik-cultuur. Wat gebeurt er dan: mensen worden alert en wantrouwend, raken sneller in paniek, vragen elkaar minder gauw om hulp en voila: het is inderdaad minder veilig op straat. Hebben we straks toch nog wat aan al die door de straten marcherende wapenpeletons van de oprukkende politiestaat die we nu over onszelf afroepen, en kunnen we heerlijk rustig sterven zonder ons ongelijk toe te hoeven geven. Want dat voelt pas vreselijk onveilig. Gewoon logisch nadenken.

We zijn onze democratie kwijt. De stem en rechten van het volk raken ondergeschikt aan geopolitieke spelletjes. Onze gekozen en omhooggetilde politici geven nauwelijks antwoord op belangrijke vragen, liegen wanneer ze dat wel doen, en worden beloond met goed-betaalde banen in de top van het bedrijfsleven wanneer dat aan het licht komt. Daarom heeft een groepje populisten nu eindelijk voor elkaar gekregen dat we onze stem mogen laten horen in een referendum - maar ha! Er wordt toch niet naar geluisterd. Het volk moet naar populisten luisteren, en niet andersom. Het referendum is volgens de oprichters niets meer dan een sabotage van de zittende macht, over de rug van 40 miljoen Oekraniërs, met behulp van het misleiden van tot 6 miljoen Nederlanders. Want als de democratie niet werkt, kunnen we net zo goed aan dictatuur beginnen. Gewoon logisch nadenken. Als dat iemand lukt, laat het vooral even weten!

  • 4 April 2016 om 07:30

Papieren vliegtuigjes

Door James Worthy

“Ik ga even plassen,” zeg ik tegen mijn vrouw. Een paar tellen later maak ik een kommetje van mijn handen en met behulp van dit vleeskommetje gooi ik kraanwater in mijn gezicht. Ik moet wakker worden, of juist niet wakker worden, ik weet het niet meer. Op televisie hoor ik mensen zeggen dat ik niet bang moet zijn, dat ik niet bang mag zijn, maar de angst groeit als kool in het moestuintje binnenin mijn schedel. “Angst is precies wat ze willen. Dan winnen ze.” Maar ik ben niet bang voor ‘ze’, ik ben bang voor iedereen. Voor suïcidale vliegtuigpiloten, voor schietgrage politieagenten, voor nonchalante monstertruckbestuurders, voor terroristen, voor bioscoopschutters, voor lone wolves en voor massale hondsdolheid. Ik ben bang voor iedereen. Voor politici die naar de top vliegen op vliegende tapijten die ze van lijkzakken hebben gemaakt. Voor de kranten die alleen nog maar drukken wat hun abonnees willen lezen; leugens verpakt in de meest gunstige versie van hun waarheid. En ik ben bang voor mezelf, want het enige wat mijn angst in feite doet, is andere mensen bang maken. Het is een besmettelijke ziekte. Mentale hepatitis. Mijn vrees fluistert spookverhalen in de oren van iedereen die bij het vuur zit. En het vuur is overal.

 

“We moeten weg, schat,” zeg ik tegen mijn vrouw.

“Waarom?”

“Ik voel me niet veilig in deze bioscoopzaal. Het is te donker. Ik weet niet wie hier allemaal zitten. We zitten in een met wildvreemde mensen gevulde grabbelton.”

“Wil je de film niet afkijken?”

“Ik moet hier nu weg. En ik weet dat angst een slechte raadgever is. En dat mijn hoofd momenteel in een bankschroef van waanbeelden zit, maar angst is zo af en toe alles wat ik heb.”

 

Mijn vrouw en ik zitten op een bankje in het park. We kijken op haar telefoon naar foto’s van onze zoon. Ik zit ernaast, en kijk naar alles wat ik te verliezen heb. Misschien is dat het wel. Vroeger was ik nooit bang. Je kunt je fietssleutels welbeschouwd alleen verliezen als je een fiets hebt.

Ik ben voornamelijk bang voor dat zelfdestructieve in de mens. En iedereen is zo boos. We lijden allemaal aan morbide oboositas. Iedereen is namelijk vet boos. Maar we zijn enkel boos omdat we bang zijn. Omdat we erachter zijn gekomen dat wereldvrede niets meer dan een krekel is. We horen de krekel al eeuwenlang, maar we gaan de krekel nooit vinden. Daarom ben ik zo bang voor dat zelfdestructieve in de mens. Dat zelfvernietigende. Dat zaaddodende. We maken alles kapot, omdat alles al kapot was toen we het maakten. Het lijkt haast wel alsof we voorgeprogrammeerd zijn om onszelf kapot te maken.

De mensheid is een papierversnipperaar die van papier is gemaakt.

  • 1 April 2016 om 07:15

Memento kakkie

Door Elfie Tromp

Hoera, de nieuwe Schijf van Vijf is uit! In zacht glorende tinten wordt ons toch vooral aanbevolen volkoren pasta en noten te eten. Bij de eiwitten is zelfs een schattig blokje tofu getekend. Grootste verandering is de verhoogde groente-inname. Meer dan 75 procent van de bevolking haalde de 200 gram die eerder was voorgeschreven al niet. De 250 gram die nu wordt geadviseerd lijkt totaal wensdenken. Maar ik houd van mensen die de moed erin houden, en met die spinaziesmoothies als ontbijt tik ik braaf mijn schijf-van-vijfbingokaart vol.

Over bingokaarten gesproken; de komende drie weken ben ik als schrijver te gast in een bejaardentehuis. Op uitnodiging dompel ik mij onder in de seniorenlifestyle. Ik heb mijn eigen kamer met verhoogd bed, Senseo en in de douche staat een grote, vooroorlogse po-stoel. Elke keer als ik op het gewone toilet zit, kijk ik naar het ding en het geeft me de kriebels. Het zijn dit soort details die je doen beseffen dat dingen die je gedachteloos doet - lopen, kauwen, toiletteren - in de herfst van je leven niet meer zo vanzelfsprekend zijn. Zo zijn er constante memento mori’s hier in het gebouw te vinden. De po-stoel is een memento kakkie, denk ik als ik doorspoel en opgelucht de badkamer verlaat.

In de gemeenschappelijke zaal waar de bewoners elkaar of hun bezoek treffen voor een borrel, babbel óf bingo, zit ik naast een dame die klaagt over haar aanhoudende diarree. “Er is iets met mijn darmen”, zegt ze. “Maar ik wil het liever niet weten.”

Ook de diners maak ik hier mee. Ik eet de machtige champignonsoep, kip cordon bleu met roomsaus en de tot prut gekookte witlof braaf op. Als ik de goedlachse kok vraag of er vegetariërs in het pand zijn, schudt hij grinnikend zijn hoofd. Bejaarden zijn hardnekkige vleeseters. De man naast me aan tafel vertelt over zijn dichtgeslibde aderen en de hartoperatie die hij heeft gehad. Ik kijk naar zijn toetje, roomijs met een flinke toef slagroom. Dat krijgen we elke avond.

“Zijn jullie hier bezig met de Schijf van Vijf?”, vraag ik het meisje uit de bediening.

“We hebben ’s middags kroketjes of een Mexicano, als u dat wilt”, zegt ze.

Ik leg uit dat ik de schijf van het Voedingscentrum bedoel.

“Ach mevrouw”, zegt ze. “Wij warmen het hier alleen wat op.”

Ik knik.

“Maar de sauzen en soepen maken we zelf”, voegt ze er trots aan toe. “Lekker romig. Heeft het u gesmaakt?”

  • 30 Maart 2016 om 07:00

Juiste etiketje

Door Irene van den Berg

Een gewetensvraag: zou je mijn columns serieuzer nemen als er Isaak van den Berg boven stond? Hilversum is misschien niet maatgevend, maar door het geringe aantal vrouwen bij talkshows krijg ik de indruk dat onze mening minder wordt gewaardeerd. Of krijgt mijn geloofwaardigheid juist een boost als ik mezelf presenteer als doctorandus Van den Berg? Dat kan, ik heb een master in geschiedenis. Alleen zegt dat niks over mijn kennis over geldzaken.

Het is heel lastig om snel te beoordelen hoe deskundig iemand is. En dus vormen we onze mening aan de hand van vooroordelen. Het helpt om man, slank, knap, groot, niet te jong maar ook weer niet stokoud te zijn. Ook de juiste titel of functie helpt je een tree hoger op de autoriteitsladder. Ik kan mijn column ook ondertekenen met caviabezitter, wijnliefhebber of yogabeoefenaar. Die etiketjes kloppen, maar je neemt me waarschijnlijk serieuzer als ik me presenteer als financieel journalist.

Want de juiste functienaam overtuigt. Let maar op: ‘Kinderopvang is voor veel ouders onbetaalbaar geworden’, zegt financieel journalist Irene van den Berg. ‘Kinderopvang is voor veel ouders onbetaalbaar geworden’, zegt moeder Irene van den Berg. In het eerste geval lijkt het of ik dit concludeer naar aanleiding van een doorwrocht artikel. In het tweede geval ben ik gewoon een zeurende ouder. ‘Kinderopvang is voor veel ouders onbetaalbaar geworden”, aldus wijnliefhebber Irene van den Berg. Laat eerst die dure Merlot maar eens staan, denk je dan.

Als een autoriteit iets zegt, zijn toehoorders minder kritisch, blijkt uit onderzoek. Vooral als het gaat om zaken waar ze zelf geen verstand van hebben. Heel gevaarlijk als het om financiën gaat. Want een mooi bordje met financieel planner, budgetcoach of hypotheekadviseur op de deur zegt niets over de competentie van de financieel raadgever. Toen ik net over geldzaken schreef, sloot ik mijn artikelen wel eens af met de tip om naar een financieel adviseur te gaan. Maar sinds verschillende vrienden en familieleden de tip van hun adviseur kregen om in Easy Life te gaan - die oplichters die handelden in levensverzekeringen - ben ik daar heel voorzichtig mee.

Sinds 2007 zou er wat veranderd moeten zijn met Wet financieel toezicht. Om financieel advieswerk te mogen doen, moet je sindsdien een vergunning van de AFM hebben. Daarvoor moet de adviseur een paar relevante diploma’s hebben, een aansprakelijkheidsverzekering afsluiten en permanente bijscholing volgen. Maar die verplichte tussentijdse cursussen zeggen niets over hun vakmanschap en betrouwbaarheid, klagen veel financieel adviseurs zelf. Met alleen meerkeuzevragen kun je immers niet de integriteit van iemand toetsen. Die permanente bijscholing is dus een wassen neus, concludeert financieel journalist Irene van den Berg.

 

Weet jij een goede adviseur?, vragen lezers mij weleens. Nee, want ik vogel het allemaal zelf uit. En dus roep ik jullie op: schreeuw het - digitaal - van de daken als je een goede en betrouwbare financieel adviseur kent. Mag trouwens ook als je een kundige journalist weet.

  • 30 Maart 2016 om 06:45

Groeten uit Erdoganistan

Door Ebru Umar

Omdat ik dringend toe was aan een omgeving waar ze wel raad weten met islamitische terreurdreiging, vertrok ik naar Turkije. Beetje zon, in het gezelschap van wat de uit Turkije verbannen journaliste Frederike Geerdink smalend de ‘Izmir elite’ noemt. Maar zo’n vakantie begint niet voordat mijn oom zijn terugkerende vraag stelt: „Hoe kijken jullie in Europa aan tegen Turkije?”

Het antwoord stelt hem nooit teleur: „Jullie interesseren ons geen fuck.” Om vervolgens te horen dat wij belazerd worden door onze politici die deals met Erdogan maken waaraan hij zich toch niet gaat houden. Iets met vluchtelingen tegenhouden. „Alsof wij die mensen hier willen”, proest mijn oom. „Ze moeten gewoon terug naar huis. Daar zouden alle inspanningen op gericht moeten zijn. En die paar miljard? Ach, het einde van het tijdperk Erdogan is in zicht.”

Elke Izmir-Turk voorspelt al jaren het einde van het Erdogan tijdperk. Maar met die nieuwe Europese miljarden lijkt dat vanuit Europees perspectief kansloos. „Ach zes miljard, hou toch op. Wisselgeld.” Mijn soort Turken is nooit zo onder de indruk van geld. „Amerika is klaar met hem. Khadaffi, Saddam, Assad en de volgende is Erdogan.” Ik moet het nog zien maar de tegenstand komt inmiddels vanuit zijn eigen partij wordt me verteld. „O ja, die lui die hem op het schild gehesen hebben zeker”, hoon ik. Bovendien staat een oud bezoek van Erdogan aan Obama op mijn netvlies gebrand. De beide heren stonden ieder achter een katheder met de VS en Turkse vlag. De dictator van Turkije declameerde: „Assad must go.” Obama stond erbij en luisterde. En dan zou nu Erdogan moeten oprotten? Mijn oom blijft vrolijk. „Jullie Europese idioten zijn de enige die hem nog steunen, in Turkije en de rest van de wereld zijn we wel klaar met hem.” Maar dan die andere kwestie die mijn oom bezighoudt: „Wat gaat Europa tegen de terroristen doen? Jullie hebben geen idee wat je met die gasten aan moet hé? Of hoeveel het er zijn? Tja, ik zal je zeggen: dat is jullie eigen schuld. Beetje lafjes voor iedereen de deur openzetten, iedereen pamperen met gratis geld en niets terugverwachten, elke crimineel gewoon laten lopen terwijl je ze ‘in het vizier’ hebt en ze ondertussen professioneel terrorist worden. Het zijn júllie terroristen hé? Júllie oogst. Kijk, wij hebben geen ontzag voor terroristen in de dop. Wij knallen ze zo een kogel in hun kop. Dat zal ze leren. Maar júllie hebben een probleem. Ik zal lui die zich opblazen omdat ze dit leven verachten en in een hiernamaals geloven nooit begrijpen. Maar jullie hebben geen flauw benul hebben hoe je tegen ze moet optreden. Dit gaan jullie niet winnen. Nee. Jullie voorland is leven met geweld, tussen terroristen die elk moment kunnen toeslaan. Ja, jullie gaan kennismaken met leven in angst. Wen er maar alvast aan.”

Dat hoor je Rutte en co nou nooit zeggen.

  • 29 Maart 2016 om 07:12

Boomerangst

Door James Worthy

Ik word betaald om mijn mening te geven, maar van tijd tot tijd weet ik het ook niet meer. De wereld lijkt te zijn gestopt met draaien. Morgen is een herhaling van gisteren geworden. Als je goed luistert, kun je de echo van de schreeuw eerder horen dan de originele schreeuw zelf. De wereld spoelt zichzelf enkel nog terug als we slapen en als we ontwaken, begint de herhaling.

“Droom zacht”, zeg ik tegen mijn zoon na het voorlezen van zijn favoriete sprookje. “Morgen komt het goed”, vervolg ik, maar mijn neus begint te groeien. Wat moet ik dan zeggen? De waarheid? Dat de wereld langzaam instort en dat er brokstukken op mijn optimisme zijn gevallen en dat mijn optimisme sinds kort dus een dwarslaesie heeft? Ik voel bijna niets meer. Een man overmeesterd door zijn eelt.

Ik zie de bomaanslagen en ik hoor de knallen. Maar na de knallen komt de stilte, na de stilte komen de sirenes, na de sirenes komt het gehuil, na het gehuil komt weer de stilte en na deze stilte beginnen de vogels weer te fluiten. Presidenten en koningen speechen hun medelijden van een briefje. Na hun medelijden komt de stoere praat. Grote woorden, kleine gevolgen. “Wij zijn met meer!” sprak Rutte. Het is oorlogstaal van een man die schoudervullingen draagt. Hij heeft het wederom over wij en zij, en hij begrijpt kennelijk nog steeds niet dat dat juist het hele probleem is. De man poogt saamhorigheid te kweken door een kloof te creëren, maar het enige wat Rutte dus schept is schaamhorigheid. Wij en zij. Onze manier van leven. Europa wordt aangevallen door twintigers die in Europa zijn geboren. We worden aangevallen door onszelf. Door landgenoten. Door soortgenoten. Dit is kannibalisme.

Zelfmoordterrorist. Ik lees het weer overal en ik vind dat zo’n vreemd woord. Ik denk dan meteen aan mensen als Joost Zwagerman. Aan mensen die gewoonweg geen uitweg meer zagen. Zelfmoord is jezelf de dood gunnen. Jezelf opblazen op een vliegveld is geen zelfmoord. Het heeft niets met gunnen te maken. Het draait in zijn geheel om nemen. Ontnemen. Het ontnemen van de uitweg van zo veel mogelijk mensen. Het is valsspelen. Het is eerloos. Noem ze dus geen zelfmoordterrorist, noem ze bowlingbalterrorist, want ze rollen in de richting van kluitjes mensen en proberen er dan zo veel mogelijk mee te nemen. Meer is het niet. Laten we er in godsnaam geen Shakespeariaanse zelfopofferingen meer van maken.

Maar misschien moet ik gewoon de rust bewaren. Optimistisch blijven. Gewoon eventjes wachten tot de vogeltjes weer gaan fluiten.

“NEE! JE MOET NU EEN KANT KIEZEN! JE MOET BOOS ZIJN!”

“Boos op wie?”

“BOOS OP IEDEREEN DIE NIET BOOS IS!”

Het enige wat vaststaat, is dat de wereld losgaat.

  • 25 Maart 2016 om 07:30

The Passion

Door Luuk Koelman

Ik lees een interview met Martijn Fischer, de musicalster die vanavond Jezus speelt in The Passion, maar vooral bekend is vanwege zijn rol als André Hazes. Martijn bekent direct dat hij niet-gelovig is opgevoed. Maar daar staat tegenover dat zijn oma hem als klein jongetje wel eens meenam naar de kerk, dus “ik ken de verhalen wel.” En één van zijn verre voorvaderen was dominee, dat mogen we ook niet vergeten.

Daardoor ziet Martijn als geen ander de parallellen tussen Hazes en Jezus. “Allebei waren ze charismatische mannen,” vertelt hij en „als je achteraf op hun levens terugkijkt, denk je: wat verschrikkelijk dat een mens van goede wil dát allemaal moet meemaken.” De overige overeenkomsten kan de lezer zelf invullen: André aan het bier en Jezus aan de wijn. En dat rijmwoordenboekje was toch een beetje Hazes’ Bijbel.

Maar er is meer, zo leert het interview. Neem nu de parallellen tussen Martijn zélf en Jezus. Waar Jezus leed aan het kruis, daar leed Martijn erg onder de echtscheiding van zijn ouders. En op school kreeg Martijn ooit straf omdat hij geen staartdeling kon maken. Of de verslaggever dat even duidelijk op kan schrijven? Ja, Jezus mag dan behoorlijk geleden hebben, maar Martijn had het óók niet makkelijk!

En daar kraaide de haan voor de eerste maal.

Ik blader door naar het interview met presentatrice Sofie van den Enk, de verslaggeefster van The Passion. Zij hoopt als niet-gelovige vanavond op een “levensveranderende ervaring,” zodat Jezus misschien toch een plek kan krijgen in haar leven. Ze staat er open voor! Dat uitgerekend zij als BN’er het lichtgevende kruis mag volgen, is natuurlijk geen toeval. Vanavond zal Sofie naar eigen zeggen een paar keer naar boven kijken en zich afvragen: “zou dit Gods manier zijn om mij te laten weten dat Hij er toch is? Dat ik op Hem kan vertrouwen?”

En daar kraaide de haan voor de tweede maal.

Ook het interview met ene Joris, die als enige niet-BN’er mag meedoen aan The Passion omdat hij een radiowedstrijd won, verdient aandacht. Joris vertelt hoe hij een bijna goddelijke openbaring kreeg toen het tijdens een van de repetities plots zachtjes begon te sneeuwen: “Alsof die sneeuwvlokken wilden zeggen: Jullie zijn wel iets heel bijzonders aan het doen met zijn allen.” Het beeld moge helder zijn voor de lezer: Gods zegen daalde in de vorm van sneeuwvlokken neer over de gehele cast van The Passion. Een beetje zoals de Heilige Geest ooit neerdaalde over de apostelen.

Het is een heel spannend interview, want enkele regels verder lijkt het wereldse weer bezit te hebben genomen van Joris: “De organisatie hoopt stiekem deze keer de 4 miljoen tv-kijkers te halen. Dat is heel veel.” Maar godzijdank floept daar het religieuze weer in hem omhoog: “Toch is het ons daar helemaal niet om te doen. We staan er allemaal erg integer in.”

Ach, was ik maar een haan, dan zou ik kraaien: “KUKELEKU!”

  • 24 Maart 2016 om 07:00

De naakte waarheid

Door Elfie Tromp

Ik had me voorgenomen niets over hem te schrijven. Ik krijg al te vaak de vraag of hij familie van me is. Ook al doop ik mijn lokken niet langer in dezelfde tint peroxide als hij, ik wil elke vorm van associatie vermijden. Hoewel hij zich de afgelopen maanden overtuigend aan me opdrong, had ik de verontwaardigde verleiding die een columnist aan zet tot een vilein stukje, kunnen weerstaan. Tot nu. Iemand deelde een oud filmpje van WrestleMania en daar stond hij in de ring: Donald Trump als worstelaar. Het was even geweldig als verschrikkelijk. Alsof Hitler ineens door My Little Pony dartelde.

Nog geen drie jaar geleden, toen de wereld een stuk onschuldiger leek en niemand nog nadacht over penislengtes van politici, deed Trump mee aan dit spierballenshowballet. Liefhebbers van WrestleMania weten dat de wedstrijden niets met sport te maken. De verwensingen die de ludieke alterego's elkaar toeschreeuwen, de verwondingen die ze elkaar aanbrengen, wie er uiteindelijk wint, alles is zorgvuldig gechoreografeerd. Ze noemen het worstelen, maar het heeft eigenlijk niets met vechten te maken. WrestleMania gaat over dat waar Amerika groot mee is geworden; showbusiness. En daarom hou ik er zo van.

Daar lag ik als achtjarige, op de leren bank in ons Hoeksche Waardse dorpje. Buiten niks te beleven en uitgespeeld met mijn Barbies. Ademloos keek ik naar Eurosport waar urenlange marathons aan me voorbij trokken van ingeoliede, opgepompte mannen met ludieke namen, al dan niet met vlammende make-up of hangsnor. Als praalhanen stapten ze om elkaar heen. Klommen in de touwen om elkaar te bespringen. Hielden elkaar innig vast in vreemde poses. En altijd in strakke pakjes. Mijn liefde voor spandex is daar begonnen weet ik nu.

Voor Trump geen strak pakje. Zijn roze stropdas was het enige frivole aan hem. En natuurlijk die kop lichtgevend haar. Die stond op het spel. De verliezer zou geschoren worden door zijn tegenstander. Hij zette zijn gemeenste gezicht op. Wat bij hem betekent: pruillipje en frons. Natuurlijk won hij. Anders zou hij niet meedoen.

Die avond droomde ik dat ik met Trump in de ring stond. Ik droeg een verenpak. Hij een haaienvin. Met een vliegende kurkentrekker velde ik hem. Zijn nek klemde ik tussen mijn knieën tot het kraakte, tot hij spartelend om genade smeekte. Daarna trok ik zijn broek omlaag om het hele stadion zijn naakte, spekkige, middelbare mannenwaarheid laten zien. Daarna was er vuurwerk en gebak. Die droom luchtte enorm op.

  • 23 Maart 2016 om 07:01

Naar de psycholoog

Door Irene van den Berg

- „Wat kan ik voor u betekenen, mevrouw Van den Berg?”

- „Ik ben bang dat ik verslaafd ben.”

- „Een moedige stap van u om hier te komen. Waar zit het probleem?”

- „Ik kan maar niet stoppen met banken bashen.”

- „Pardon, ‘banken bashen’?”

- „Ja, schoppen tegen de banken, zeg maar. Die hebben namelijk heel weinig van de crisis geleerd. Ze lenen wel veel minder geld uit, waar particulieren en bedrijven dan weer de dupe van worden en … Kijk, daar ga ik weer. Ziet u dat kloppende adertje bij mijn rechteroog?”

- „Ja, ik zie dat het u raakt. Leg even uw hand op uw buik en probeer rustig te ademen. Zo ja, heel goed mevrouw Van den Berg. Hoe beïnvloedt dat voortdurende ‘banken bashen’ uw dagelijks leven?”

- „Ik schrijf voor mijn werk onder meer een column voor Metro en ik neem me heel vaak voor om niet weer een negatief stukje over de banken te schrijven. Soms lukt dat, maar vaak ook niet. Vorige week bijvoorbeeld ging het weer mis. Toen was het de Week van het Geld. Ik maak me dan boos dat er medewerkers van banken voor de klas staan die onze kinderen leren hoe met geld om te gaan. Banken zijn niet bepaald een lichtend voorbeeld op het gebied van verstandig financieel beleid.”

- „Als columnist mag je je toch flink opwinden? Daar is niets mis mee.”

- „Jazeker, maar ik wil van u weten of mijn boosheid buitenproportioneel is. Een voorbeeldje: ik kreeg afgelopen week een reactie van de Nederlandse Vereniging van Banken op mijn column over de Week van het Geld. De NVB mailde mij dat banken graag hun maatschappelijke verantwoordelijkheid nemen zolang financiële educatie nog niet is verankerd in het onderwijs. Dat klinkt sympathiek, maar het maakt mij toch ook weer kwaad.”

- „Hoezo?”

- „Als de NVB het woord ‘maatschappelijke verantwoordelijkheid’ in de mond neemt, kan ik alleen maar denken: Liboraffaire, renteswaps, woekerpolissen, bonuscultuur, en ga zo maar door. Ik krijg die woorden gewoon niet meer uit mijn hoofd. Hoe fair is dat?”

- „Tja…”

- „En weet je wat het ergste is? Ik voel deze week weer de behoefte om een boze column over de banken schrijven. De Consumentenbond trekt ten strijde tegen de hoge rentetarieven bij roodstand. Terwijl banken dankzij de historisch lage rente nauwelijks nog betalen om geld te lenen, blijven de rentes voor roodstaan torenhoog. Schandalig natuurlijk! Adem in, adem uit. Wat schrijft u voor?”

- „Ho ho, wacht even, waarom houden banken die rente eigenlijk zo hoog?”

- „Het verweer van de banken is dat een hoge rente onnodig roodstaan terugdringt. Hoge rentes zijn dus eigenlijk in het belang van de klant. Een stukje maatschappelijke verantwoordelijkheid, zeg maar.”

- „Mijn voorschrift: schrijf deze week alsjeblieft een column over die oneerlijke woekerrentes bij roodstand. Om af te kicken. Dan gaan we vanaf volgende week werken aan het banken bashen.”

Financieel journalist Irene van den Berg (37) woont en werkt in Rotterdam. Ze is getrouwd en heeft een dochtertje. Wekelijks schrijft ze een column over haar eigen financiën.

  • 23 Maart 2016 om 06:45

Mocro maffia moeders

Door Ebru Umar

Stand up comedy is er niets bij: Marokkaanse moeders zijn de mocro maffia zat. Bijna net zo hilarisch als Gooise vrouwen die beweren hun hockeykids zat te zijn. Afgelopen weekend was de zoveelste stille tocht voor een criminele dode Marokkaan, deze keer ging het om Nabil Amzieb die onthoofd werd. Bij het opruimen van mijn archief stuitte ik zomaar uit het niets op twee kutmarokkanen – zo heetten ze nog in die tijd. Mocromaffia klinkt een stuk hipper. 2003: stille tocht voor Driss (33), die tijdens het eten halen op het Mercatorplein besloot een mes te trekken en werd doodgeschoten door de politie. 2004: stille tocht voor de Marokkaanse tasjesdief Ali (19) die bij een achtervolging werd doodgereden. Echt zielig allemaal. Not.

Stille tochten voor dooie criminelen, ja hoor jongens, jullie Nederland is walgelijk. Jullie Nederland discrimineert, jullie Nederland geeft geen stageplekken aan mensen met een mocronaam, jullie Nederland zus en jullie Nederland zo. RESPECT! Yeah right. Nederland, het land waar Marokkaanse moeders hun mocro maffia kids zat zijn. Alsof die mocro maffia kids het gevolg van iemand anders’ opvoeding zijn dan van Marokkaanse moeders zelf. „Het moet over zijn met al dat moorden.” Goh Marokkaanse moeders, dat vindt de rest van Nederland toevallig ook, redelijk gevalletje waarbij het niet minder minder minder moet, maar gewoon niet niet niet. En niet alleen dat moorden van jullie maffia mocro kids moet afgelopen zijn, óók het roven, bedreigen, mishandelen, stelen en vermoorden van juweliers. Het zijn júllie kinderen die niet-Marokkaanse meisjes, jongens, ouderen en zwakkeren uitzoeken om, in het gunstigste geval, ‘slechts’ te beroven. Ze wonen onder júllie dak en omdat júllie ze niet opvoeden, niet naar school sturen, niet controleren, niet straffen, niet op het juiste pad houden, en wél genieten van de roofopbrengsten (lees het boek Mocro Maffia!) worden júllie kids crimineeltjes waar we met z’n allen last van hebben.

Nabil Amzieb was 23 jaar en ooit een lieve jongen. Dat ook lieve jongens afglijden en met mocro maffia in aanraking komen, is omdat Marokkaanse moeders hun zonen – en dochters ook - weghouden bij Nederlanders. Omdat júllie je zonen – en dochters ook – wijsmaken dat ze anders en beter zijn dan Nederlanders. Omdat júllie je zonen – en dochters ook – naar islamitische clubs, van school, sport tot moskee sturen. Omdat júllie je taak als opvoedkundige niet aankunnen en de boel overlaten aan Allah en zijn islamitische rovers annex plaatsvervangers op aarde. Het enige wat júllie doen is baren baren baren. Dat zou best wat minder minder minder kunnen.

Want Marokkaanse moeders, dat jullie je mocro maffia kids, die zonder twijfel broeden op een terroristische aanslag waarbij Parijs verbleekt, zat zijn, daar past echt maar één reactie op: wij ook.

Wij ook.

  • 22 Maart 2016 om 07:00
❌