[Contact]

Nieuwskop.nl Nieuwskoppen Nederland

πŸ”’
❌ Over FreshRSS
Er zijn nieuwe artikelen beschikbaar, klik om de pagina te vernieuwen.
OuderAlle Nieuwskoppen

EHRM in Hoiness: Noorse nieuwswebsite niet aansprakelijk voor anonieme posts op debatforum

Door Jens van den Brink

Het EHRM heeft op 19 maart 2019 arrest gewezen in de zaak Hoiness t. Noorwegen. Die zaak draaide om de vraag of een nieuwsforum aansprakelijk is en schadevergoeding zou moeten betalen voor drie anoniem geplaatste posts op een debatforum die door klaagster als diffamerend waren ervaren. Volgens het EHRM had de Noorse rechter binnen haar beoordelingsvrijheid gehandeld door te oordelen dat het nieuwsforum daar niet aansprakelijk voor was.

Mona Hoiness is een bekende Noorse advocate en voormalig talkshowhost, die lange tijd actief heeft deelgenomen aan het publieke debat. In 2011 zijn op het bekende Noorse nieuwsforum Hegnar Online drie seksueel getinte anonieme posts over Hoiness geplaatst over een erfkwestie waar Hoiness persoonlijk betrokken bij was.

Zij werd ervan beschuldigd een golddigger te zijn, en zich de nalatenschap van een rijke weduwe te hebben toegeëigend. Hoiness klaagde over onder meer de volgende commentaren op Hegnar Online:

  • poster claimed to “know someone who knows someone” who had been “lucky to have shagged” the applicant
  • If I were to s–– her, it would have to be blindfolded. The woman is dirt-ugly – looks like a wh––
  • whether [Høiness] was “still shagging” someone referred to by the nickname “trønderbjørn”’

Hoiness heeft het nieuwsforum van de posts op de hoogte gesteld via een meldknop bij de berichten. De eerste twee posts hadden ongeveer 10 dagen online gestaan en zijn enkele minuten na de melding verwijderd. Het derde bericht stond ongeveer drie dagen online tot het door een moderater op eigen initiatief werd verwijderd.

Hoiness heeft het nieuwsforum toch aansprakelijk gesteld voor de schade die zij zou hebben geleden. De nationale rechter heeft de vordering van Hoiness tot tweemaal toe afgewezen. In eerste instantie is geoordeeld dat de posts onder de gegeven omstandigheden onvoldoende ernstig waren om als diffamerend te kunnen worden aangemerkt. In hoger beroep oordeelt de rechter dat van schadevergoeding hoe dan ook geen sprake kon zijn. Op het nieuwsforum rustte geen verplichting om de posts vooraf te screenen en het nieuwsforum had voldoende, effectief gebleken maatregelen getroffen om de schadelijke gevolgen van onrechtmatige posts te beperken (o.a. een meldknop en de inzet van moderators). Hoiness is tot een proceskostenveroordeling veroordeeld van in totaal circa EUR 50.000,-.

Nadat het Noorse Hof van Cassatie, het verzoek om cassatie te mogen instellen had afgewezen, wendde Hoissen zich tot het EHRM, waar zij stelde dat de Noorse rechter geen juiste afweging heeft gemaakt tussen het recht op vrijheid van meningsuiting (artikel 10 EVRM) en haar recht op bescherming van haar privacy (artikel 8 EVRM).

Het Hof herhaalt, onder verwijzing naar eerdere uitspraken, dat een uiting pas een inbreuk kan maken op artikel 8 EVRM indien de uiting voldoende ernstig is en dat verder aan de nationale rechter bij de te maken belangenafweging tussen beide rechten een grote mate van beoordelingsvrijheid toekomt, mits zij bij haar beoordeling de door het Hof in de jurisprudentie vastgestelde criteria betrekt. In dit geval noemt het Hof met name de context waarin de berichten zijn geplaatst, de mogelijke alternatieve aansprakelijkheid van de auteurs van de posts, de maatregelen die het nieuwsforum heeft getroffen om onrechtmatige posts te bestrijden en de gevolgen van de nationale procedure voor het nieuwsforum. Daarbij verwijst het EHRM naar de eerdere arresten Delfi en MTE en Index.

Het EHRM vindt relevant dat “Hegnar Online was a large, commercially run news portal and that the debate forums were popular. It does not appear, however, from the judgments of the domestic courts that the debate forums were particularly integrated in the presentation of news and thus could be taken to be a continuation of the editorial articles.

Dat het gaat om een grote commerciële website maakt op zich dus niet dat de site daarom aansprakelijk wordt voor posts van derden; dat lijkt een nuancering van wat hierover is gezegd in het Delfi arrest.

Het Hof komt vervolgens tot de conclusie dat de Noorse rechter zich in zijn uitspraken van deze criteria voldoende rekenschap heeft gegeven, waarbij het met name gewicht lijkt toe te kennen aan de vaststelling van het Noorse hof dat het nieuwsforum effectieve maatregelen had getroffen om de schadelijke gevolgen van diffamerende berichten te beperken. Hoewel het EHRM erop wijst dat de moderators volgens de nationale rechter maar beperkt actief waren, en dat “they may not have discovered a great number of unlawful comments to remove of their own motion“. het Bij deze uitkomst bestaat voor het Hof geen aanleiding de uitkomst van de belangenafweging door de nationale rechter aan te tasten. Het Hof vindt ten slotte ook de omvang van de proceskostenveroordeling, mede gelet op de (financiële) slagkracht van Hoiness, niet excessief en laat deze in stand.

Na het Delfi arrest bestond de angst dat websites relatief snel aansprakelijk zouden kunnen worden gesteld voor posts van derden. Net als in MTE en Index, lijkt het EHRM hier weer de effecten van het eerdere te hebben ingeperkt.

Auteurs: Jens van den Brink en Michael Bacon

EHRM in Magyar Jeti over hyperlinken naar diffamerende content

Door Michael Bacon

Op 4 december 2018 heeft het Europees Hof voor de Rechten van de Mens zich in de zaak Magyar Jeti Zrt tegen Hongarije (opnieuw) uitgesproken over hyperlinken. Hongarije wordt door het EHRM op de vingers getikt, wegens een te strenge beoordeling van de aansprakelijkheid van een nieuwswebsite voor het linken naar een publicatie met diffamerende content. Dit heeft een ‘chilling effect’ op de vrijheid van meningsuiting.

Een journalist, werkzaam bij de populaire Hongaarse nieuwswebsite www.444.hu, werd beschuldigd van het verspreiden van een onrechtmatige publicatie, door het plaatsen van een hyperlink naar deze publicatie bij een artikel op de website. De journalist schreef in 2013 een artikel over een incident in het dorpje Konyár. Daar schopten dronken voetbalsupporters herrie en maakten zij racistische opmerkingen bij een school waar voornamelijk Roma-studenten naar toe gaan. Bij het artikel plaatste de journalist een hyperlink naar een interview op YouTube met de Roma-gemeenschapsleider uit het dorp over Roma-problematiek. In dit interview beweerde de leider dat de voetbalsupporters aanhangers van de Hongaarse rechts-populistische ‘Jobbik’ partij waren. In latere uitspraken is door de Hongaarse rechter geoordeeld dat deze bewering onjuist en onrechtmatig was ten opzichte van de partij in kwestie. Omdat het Hongaarse recht bepaalt dat een verwijzer naar (later) onrechtmatig bevonden content op het internet automatisch aansprakelijk is jegens de benadeelde partij voor de verspreiding van die onrechtmatige content, is de nieuwswebsite veroordeeld tot het plaatsen van rectificaties en het verwijderen van de hyperlink uit het artikel. Het EHRM benadrukt het belang van hyperlinks voor het waarborgen van een goede werking van het internet en de toegang tot informatie.

In het uitspraak heeft het Hof het meeste commentaar op het automatisme waarmee een verwijzer in Hongarije aansprakelijk wordt gehouden voor (later) onrechtmatig bevonden content op het internet. Gelet op de karakteristieke kenmerken van hyperlinks, met name dat de content waarnaar wordt verwezen zelf niet wordt getoond en de verwijzer in de regel geen invloed op de content heeft, moet de aansprakelijkheid van de verwijzer van geval tot geval worden beoordeeld. Het Hof formuleert vervolgens vijf criteria die in de context van art. 10 EVRM kunnen worden meegenomen bij de beoordeling van de onrechtmatigheid van een hyperlink naar een publicatie op het internet

  1.      Heeft de journalist de informatie ondersteund?
  2.      Heeft de journalist de inhoud slechts herhaald?
  3.      Heeft de journalist alleen de link gepost zonder iets erbij te vermelden?
  4.      Kon de journalist weten dat de inhoud lasterlijk of onrechtmatig was?
  5.      Heeft de journalist in goede trouw gehandeld, met respect voor de journalistieke ethiek?

De Hongaarse journalist heeft in dit geval bij het artikel een hyperlink geplaatst, slechts met de mededeling dat een interview met de Roma-gemeenschapsleider online stond. Daarop is verder geen commentaar gegeven en is niet ingegaan op de inhoud van het filmpje, laat staan dat de politieke partij is genoemd. Volgens het Hof was niet overduidelijk dat de journalist wist of had moeten weten dat de content waarnaar de hyperlink verwees onrechtmatig was. Onder deze omstandigheden dient de vrijheid van meningsuiting te prevaleren en was het plaatsen van een hyperlink naar dat artikel dus niet onrechtmatig in de zin van artikel 10 EVRM. De Hongaarse wetgever heeft nagelaten om te voorzien in de mogelijkheid tot een goede afweging van de belangen van de verzoekende onderneming op grond van art. 10 EVRM. Journalisten zouden zich hierdoor sneller kunnen onthouden van het linken van materiaal waarover zij geen controle hebben. Dit veroorzaakt direct of indirect een ‘chilling effect’ op de vrijheid van meningsuiting. Kortom, er is in dit geval sprake van een schending van art. 10 EVRM.

Opmerkelijk: rechtbank vindt dat column niet β€˜nodeloos grievend’ mag zijn …

Door Jens van den Brink

Een BN’er (een bekende cabaretier die “regelmatig optreedt in de televisieprogramma’s Dit was het nieuws en De wereld draait door“) werd in meerdere columns in Metro van seksueel wangedrag beschuldigd. Hier een fragment uit een van de columns:

“(…) Aanranding wil ik het niet noemen, dat vind ik flauw. Al is dat technisch gezien eigenlijk precies wat er is gebeurd. Maar wat er precies is gebeurd, probeer ik nog op een rijtje te krijgen, en waarom het is gebeurd weet ik ook niet helemaal. Wel weet ik dat dit soort dingen elke dag gebeuren. En dat al die meisjes zich net als ik nu afvragen: “Heb ik dit zelf uitgelokt?” Natuurlijk klinkt dat raar, maar ik zou het ook stom vinden om er zomaar vanuit te gaan dat ik er sowieso niks aan kon doen. Dat de man altijd de schuld heeft, omdat hij nu eenmaal sterker is. (…) Aan de andere kant, terwijl ik dit schrijf staat ‘Trouble’ van Taylor Swift op repeat, voel ik me superrot (zie voorgaande punt), tel ik vijf blauw-groene plekken, kan ik mijn nek niet goed draaien en niet op mijn linkerzij liggen. En dat is helemaal niet oké. (…)

Ik weet ook wel dat hij me geen pijn wilde doen, niet expres. Want wat voor mannen blijkbaar echt onweerstaanbaar is, is het woord ‘nee’. Hard-to-get schijnt een heel leuk spelletje te zijn, maar…ik speelde helemaal geen spelletje. Waar het op neerkwam is dat de man in kwestie – die ik tot overmaat van ramp stiekem ook nog best wel lief en leuk vond – gewoon bezet was en daarom bij mij uit de buurt moest blijven. Dat heb ik ook gezegd. Een stuk of dertig keer. Maar hoe stelliger ik hem afwees, hoe stelliger hij werd. Toch lukte het me om hem van me af te houden, en geloof me als ik zeg dat mij dat ook heel veel zelfbeheersing kostte. Bijna was er niks aan de hand geweest, want ik fietste gewoon naar huis die avond. Maar we kwamen elkaar twee kilometer verder weer tegen, en dat eindigde dus met mij tegen een hek. In de armen van die supersterke sexy Neanderthaler waar ik als verwarde feministe eerder om had gevraagd. Blijkbaar werkt het woord ‘nee’ heel goed. Voor ‘iets’ in ieder geval. Vooral als je het bijna helemaal meent.”

De BN’er voerde al in 2015 een kort geding tegen Metro, dat hij won. De voorzieningenrechter oordeelde dat het een columnist(e) […] in beginsel vrij staat te schrijven over persoonlijke ervaringen. Dit neemt echter niet weg dat,[…], ook in een column niemand lichtvaardig mag worden beschuldigd en dat beschuldigingen steun dienen te vinden in het beschikbare feitenmateriaal.” Een aantal columns was niet herleidbaar tot de BN-ers en daarom al niet onrechtmatig. Voor één column vond de rechter dat die wel herleidbaar, en er onvoldoende feitelijke onderbouwing waren voor de beschuldigingen. Metro moest de column van internet verwijderen.

In 2017 schreef de columniste weer een column over de man, waarin zij nog ernstigere bewoordingen gebruikt en hem van verkrachting heeft beschuldigd, aldus eiser. De BN-er zegt dat “een onschuldige zoenpartij door haar ten onrechte is opgeblazen tot seksueel wangedrag“, en vordert nu in een bodemprocedure rectificatie en schadevergoeding.

Eerder dit jaar (het vonnis is pas op 31 oktober gepubliceerd) deed de rechtbank Amsterdam uitspraak.

De rechtbank bevestigt de bekende rechtspraak waaruit volgt dat een columnist een grotere mate van vrijheid toekomt om zijn of haar persoonlijke mening te geven, maar voegt daaraan toe: De vrijheid van meningsuiting is echter ook in een column gebonden aan grenzen, welke worden overschreden in het geval de uitingen zijn gedaan met de bedoeling de ander te kwetsen of de bewoordingen met het oog op het te dienen belang nodeloos grievend zijn. Daarnaast is sprake van overschrijding van grenzen wanneer columnisten bij het uiten van hun persoonlijke mening over personen kwalificaties bezigen of vergelijkingen treffen waartoe de feiten in redelijkheid geen aanleiding geven. Bepaalde aspecten mogen dus worden uitvergroot in een column, maar moeten wel steun vinden in het beschikbare feitenmateriaal.”

De rechtbank meent verder dat de nieuwe column herleidbaar was en acht de beschuldigingen onrechtmatig en veroordeelt Metro uitgever tot een schadevergoeding van EUR 10.000,-.

Dit vonnis is naar mijn mening problematisch.

Een column mag van de rechtbank niet ‘nodeloos grievend’ zijn. Het lijkt erop alsof dat zinnetje een beetje per ongeluk in het vonnis terecht is gekomen. Althans, dat hoopt de Mediareport redactie. Het EHRM beschermt immers ook het recht “to offend, shock or disturb” en een column bij uitstek een plek is waarin ‘nodeloos grievende’ uitingen (wat dat ook moge betekenen) een plek hebben en kwetsende uingen niet bepaald uitzonderlijk zijn, laat staan verboden.

De rechtbank lijkt hier (per ongeluk?) een veel te strenge grens te trekken, die bovendien in deze zaak ook niet nodig was om tot hetzelfde oordeel te komen. Deze zaak ging er nu juist om dat dit volgens de rechtbank niet zo maar opinies of verwensingen waren, of kwetsende uitingen, maar feitelijke beschuldigingen van een ernstig strafbaar feit. Waarom de rechtbank dan overweegt dat een column niet nodeloos zou mogen grieven is onduidelijk. En kwalijk. Als dit daadwerkelijk het recht zou zijn, zou dat voor veel heel columnisten betekenen dat ze moeten inbinden.

Bijgaand de prachtige cartoon van onze voormalige collega Willem van Manen, die zich altijd (terecht) druk maakte over rechters die naar zijn idee te veel strooiden met de term ‘onnodig grievend’.

Wij hopen dat columnisten gewoon gebruik blijven maken van hun recht om onnodig te grieven.

Foto’s over de vriend van Dionne Stax in Story niet onrechtmatig

Door Joost Lichtendahl

In het tijdschrift Story is op 31 juli 2018 een aantal foto’s en een artikel gepubliceerd over de (nieuwe) vriend van nieuwslezeres Dionne Stax. De vriend van Stax is daarop een kort geding gestart bij de voorzieningenrechter in Amsterdam waarin hij onder meer heeft gevorderd iedere verdere verspreiding van de foto’s te verbieden omdat dit inbreuk zou maken op zijn privacy. De voorzieningenrechter

wijst het gevorderde verbod af.

Stax is een bekende Nederlander die volop in het nieuws staat en de publiciteit niet schuwt. Daarnaast vervult Stax volgens de voorzieningenrechter vanwege haar uitspraken en levensstijl voor veel vrouwen van haar leeftijd die ook een carrière nastreven een voorbeeldfunctie. Om deze redenen gaat het nieuws dat ze een nieuwe vriend heeft verder dan alleen het voldoen aan nieuwsgierigheid van het publiek.

Bovendien oordeelt de voorzieningenrechter dat de nieuwe vriend van Stax door zijn relatie met haar zelf ook een ‘min of meer publieke figuur [is] geworden en onderwerp van ‘entertainmentnieuws’ met, zij het in geringe mate, nieuwswaarde’. Van hem mag daarom op het gebied van blootstelling aan publiciteit meer worden gevergd dan van de gemiddelde onbekende burger.  

Verder overweegt de voorzieningenrechter in het kader van een belangenafweging dat de foto’s illustratief zijn voor het artikel, niet diffamerend zijn, niet zijn genomen in een intieme setting en evenmin tot stand zijn gekomen als gevolg van hinderlijk volgen, zoals de vriend van Stax tevergeefs had aangevoerd. Bovendien heeft Sanoma toegezegd de foto’s niet verder te zullen verspreiden zonder dat daartoe een journalistieke reden bestaat. Het artikel zelf is verder ook niet negatief van aard. Onder deze omstandigheden is de publicatie van de foto’s en het artikel niet onrechtmatig.

Ten slotte slaagt ook het beroep op de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) niet omdat Sanoma een beroep kan doen op de journalistieke uitzondering voor het verwerken van persoonsgegevens.

De slotsom luidt dat alle vorderingen worden afgewezen.

❌